GEWOON HET GEWONE LEVEN VAN ALLEDAG

♥♥♥BEKIJK EN LEES DEZE KORTE EN KLEINE VERHAALTJES, ZE GAAN OVER HET LEVEN ZELF.

OVER IETS OF IEMAND DIE JIJ KAN TEGENKOMEN, DAT JIJ ALLEEN MEEGEMAAKT KAN HEBBEN.

WANT WE ZIJN TENSLOTTE ALLEMAAL MENS...

 

 EN ALS JE OP BOVENSTAANDE TEKST ""ARCHIEF"" DRUKT, DAN BEN JE GELIJK WAAR JE WEZEN MOET, BIJ HET BEGIN VAN DIT BLOGAVONTUUR.

GROETJES EN VEEL LOL TOEGEWENST DOOR LENY

 

 

 

 

 

LENY

Het gaat wel weer ..

Nog even en dan heb ik helemaal door hoe dit werkt. Het kan een beetje lang duren, maar dan heb je ook wat. Niet dan??

De bedoeling is gewoon dat ik ook hier mijn schrijfsels kwijt kan, en misschien zijn er mensen die misschien een keertje reageren, dan wordt het nog wegl wat met deze blog,.Alleen die plaatjes lukken niet zoals ik dat wil,. Maar ook dat gaat eens lukken, ben ik van overtuigd....

Voor de rest, mijn andere logs lopen werkelijk heel goed, dus begrijp ik niet waarom dit hier niet erg lukt. Misschien moet ik wat meer mijn tronie ergens achterlaten.....Ik ga mijn best doen'..

Lees verder...

EVEN BIJTOKKELEN

Ik weet nooit wie of wat voor soort mensen dit logje van mij bezoeken, wel dat het gelezen wordt, gelukkig maar anders zit ik hier voor jan met de korte achternaam wat te tikken. Mijn blog op www.klapdoos.web-log.nl

Ja die loopt als een trein, ik ben vanaf 15 januari bezig en zit al aan de 30.000 pageviewers tot nu toe, en ruim 5000 vaste lezers. En dat doet mijn hartje goed. Ik kan het hier niet nagaan, omdat ik er hier geen teller op heb gezet . En ook geen foto's of plaatjes, daar ben ik nog niet aan toegekomen, omdat ik het nog steeds niet snap. Of de moeite er voor moet nemen om het een keertje goed door te lezen...

 

En dat mankeert er aan mij, ik ben een lui mens die alleen de leuke dingen van het leven wil ervaren, en niet de moeilijke dingen. Die ga ik liever opzij, maar dat kan niet altijd, dus heb ik mij vanaf vandaag voorgenomen om nou eens wat te doen aan mijn lay-out, mijn plaatjes en wat meer tekst erin en erop te knallen...

Beloofd....

Groetes van leny

Hoe komt dat toch...

Hoe is het mogelijk dat ik op mijn ene log duizenden pageviewers krijg, ruim 7200 in anderhalve maand, en natuurlijk diverse reacties op mijn blogjes, en hoe komt het toch dat ik op dit blog nog geen enkele reactie heb mogen opntvangen??

Wordt ik wel gelezen,

Ben ik wel origineel? Ik denk het wel, want een ieder heeft zijn/haar eigen stijl...of moet ik alles larderen met foto's of plaatjes? Ik ben benieuwd hoe het komt>>>>Misschien omdat ik veel andere blogs lees, maar daar zelden of nooit een boodschap achterlaat.

Ik ben benieuwd

NOG EVEN EEN ROTZOOITJE OP DIT BLOG

Maar alles komt goed. Zodra ik doorheb hoe dit blog werkt, geloof me, je leest en kijkt je ogen uit. Zo ijdel ben ik wel.

En de plaatjes, ook at komt goed. Ik ben nu eenmaal een tiktobverbal, en zeker geen technotrut die alles doorheeft wat een pc programma je maar te bieden heeft.

Dat laat ik aan mijn vrouw over, die is daar veel slimmer in dan ik.

Dus bij deze, ik beloof een gezellige site te maken, die voor een ieder die er zin in heeft het te lezen en te bekijken, dat het voor een ieder toegangkelijk en leesbaar wordt.

Groetjes van Leny

ONZE EIGEN WEBSITE EN DE GEVOLGEN HIERVAN...

Onze eigen website loopt als een trein. Alleen de laatste weken verwatert het contact met onze lezers een beetje, doordat ik meer op de volkskrantblog zit, dan op onze eigen site. Onze kat is al gesignaleerd met een protestbord in de gang. "IK WIL ER WEER OP".

Zijn woede is tevens gericht tegen mijn nieuwe camera, een digitale, en daar is Charley totaal niet blij mee. Hij vind uberhaupt poseren voor een foto een crime. En was het in het verleden voor de foto, hij had er vrede mee, omdat de slimmerd wist, dat niet-digitaal ontwikkeld moest worden, en vaak aan mijn klungeligheid en geroep van "nee hé", die lieverd had door dat de foto mislukt was. Maar door het digitale tijdperkvirus gegrepen schafte ik mij ook zo'n kijkdoosje aan, en ziedaar, alle foto's die je maakt, je ziet gelijk of ze goed zijn of niet. Jammer Charley, je blijft de klos.

Dus nu is hij regelmatig onvindbaar in het huis,zodra hij mij ziet lopen en gluren met de camera. Ik weet dat hij het haat, maar ik vind het soms leuk om hem ook te pesten. Zoals hij mij vaak doet. En hij beschrijft dit op onze website. Niemand gelooft het, maar neem van mij aan dat alles wat die knakker schrijft dat hij het een echt avontuur vind en vond om mij het leven zuur te maken. En nu dus dat geblog op de Volkskrant. Hij vind het maar niks, schuift regelmatig met zijn dikke achterwerk tegen mijn voorkant aan, zodat mijn pcscherm niet meer te zien is. Alsof hij alles meeleest.

De snufkat!! Ik kieper hem vaak van het bureaublad af, geef hem dikwijls de bureaustoel, maar dat is vaak maar voor een minuutje. Want zodra ik weer begin te tikken, is het voor hem het seintje dat het jenuurtje weer begonnen is. Ik kan niet echt boos worden op hem, hij heeft zo van die mooie ogen, maar af en toe zou ik hem graag aan de droogmolen in de tuin willen hangen, languit, met aan ieder oortje een knijper. En dan de molen een klein zetje geven, zodat die pers van ons lekker in de wind meedraait Maar nee hoor, niet echt. Zo erg is het ook weer niet. Ik ga mij nu dus maar even bezig houden met onze website, zodat ook Charley weer zijn fans tevreden kan stellen. De opschepper. www.soulmates1953.nl

Leny

UIT DE LOSSE POLS

Als mijn zon ooit zou schijnen,

Over mens en dier alleen

Zou de hemel verdwijnen,

En de zon werd van steen,

Dan de maan, nooit meer glanzen,

In een sterrenhemel, mij zo vertrouwd,

Dus ik krijg alle kansen,

Van de zon, waar mijn energie

Is aan toevertrouwd.

 

LENY

 

BONJE MET CHARLEY

Wat een drammer is dat zeg. Die kat van ons kan verschrikkelijk zeuren, zodra hij een straaltje zonneschijn ziet. Wil meneer gelijk naar buiten.
En al loop je nog in je blote kont, meneer blijft mekkeren dat hij de deur uitwil. Op zich is dat niet erg, maar het wordt vervelend als ik nog met mijn eerste bak koffie voor de ontbijttelevisie mijn nieuws wil volgen, en dan zit voor mij zo'n smoel die kraait en tegen mijn benen aankrabt, omdat meneer gewoon blijft zeuren. Soms kan ik hem wel............Maar ik houd van hem hoor, daar gaat het niet om. Maar soms regeert hij de hele boel hier. De buren denken volgens mij dat die lieverd constant op zijn flikker krijgt, zo gaat hij soms tekeer. Ben toch even blij dat mijn buren naast mij geen contact met ons willen, want anders had hier allang de vereniging voor het belang van het dier voor de deur gestaan.
Zou Charley weten van de dierenbescherming?? We hebben hem gewoon verpest. Dat wel. Geduld heeft meneer niet, het ochtendritueel in de zomer is voor mij dan ook..haasten, haasten, haasten
. Omdat ik als een razende Roeland mijn koffie naar binnen kieper, de tv maar uitgooi, lekker snel wassen, aankleden. Meneer gaat natuurlijk mee naar boven om het te controleren, want te lang is te lang bij hem.

Aankleden, als een witte tornado de boel doen, gezeur op de achtergrond, en dan eindelijk met mijn tweede bak koffie naar buiten. Met de kat. Belletje om, want meneer wil wel eens over de schutting duiken, en dan kan ik hem gaan lopen zoeken door de andere tuinen. Ben bang om hem kwijt te raken. Maar oke, als meneer dan het rondje tuin heeft gehad, ben ik al verkleumd door de ochtendwind, en het lauwe zonnetje dat nog niet echt doorkomt om half negen.

Presteert die lummel om gewoon weer naar binnen te waggelen, gaat wat verder eten, strekt zich uit op de bank en gaat liggen pitten. Ik haat dat. Dat betekent wel dat ik probeer om mijn kranten te lezen. Helaas, ik zit nog geen 5 minuten, of daar komt die haarbal weer. Mekkeren dat hij naar buiten wil. Ik krijg er soms een kunstkop van. Dus wanneer ik nu eindelijk geleerd heb om mijn kranten te gaan lezen zonder acht te slaan op Charley, heeft hij het uitgevonden om over mijn toetsenbord te wandelen.

Gevolg.......kan ik weer opnieuw mijn startpagina openen om een poging te wagen de nieuwe kranten te lezen. Het is elke ochtend een vast ritueel, waar hij dus niet vanaf wijkt. Ik heb nu het volgende bedacht. Wij gaan 's ochtends even naar buiten, ik rook mijn sigaretje, lopen weer naar binnen, hij een beetje moe, ik een beetje veel koud, ik kleed mij aan, hij gaat even slapen. .
Gaan we daarna weer naar buiten, even later weer naar binnen, ik lees mijn krantjes, en voordat die snavel weer van hem gaat zingen, loop ik alvast naar de tuindeur. Hij is dan gelijk stil. Vandaag voor het eerst geprobeerd, het helpt een beetje. Maar in de verte hoor ik zijn belletje alweer, het gevaarte is in aantocht, de treiterij kan weer beginnen. Maar vandaag heeft hij pech. Ik ben al aangekleed, de boel is al gedaan, koffie al gedronken. Alleen even wachten met mijn kranten totdat Claudy van haar werk komt. Kan zij lekker met Charley naar buiten, en ik op mijn gemak de papers lezen. O ja hoor, daar istie al. O man, af en toe kan ik hem wel argggggggh.
Leny

REIS OM DE WERELD... VERTELT DOOR CHARLEY

Ik ga jullie vertellen wat mijn reis om de wereld betekent in dit maffe huishouden. Stel je voor, 's avonds na het avondeten gaat mama Claudy even achter haar p.c., en Leen, je raad het al, kijkt tv.

Op zich allemaal niet erg, maar op zo'n moment verveel ik me te pletter. Heb dus sinds kort verzonnen dat ik als echte wereldreiziger een reis rond de wereld maak. Mijn wereld is eigenlijk maar klein, een grote kamer beneden, hal en trap dan een overloop met drie kamers.

De zolder is niet geopend voor mij. Verboden gebied. Maar als ik 's avonds de reis begin, start ik in de keuken, sjees als een speer naar de kamerdeur, dwars door de kamer, knal dan tevens tegen de deur aan als die bromtol van een Leen die dicht heeft gedaan, ren als en halve klootviool roets de trap op, scheur als een racer langs de hobbykamer, daarna stier ik de slaapkamer in, rondom het bed, glijd lekker uit over de matjes voor het bed, maakt niet uit, mijn vaart is niet te remmen.

Sjees daarna door naar de logeerkamer, gil wat om mij heen, een soort Tarzanroep, of zoals Leen altijd maar zegt "De lokroep van de bronzige eland". Snap toch niet wat ze bedoelt, maar goed. Na dit kattegejank, ren ik weer als een speer naar beneden, gooi de kamerdeur met mijn slanke, sterke lijf open, glij als een bezetene over de houten vloer zo de keuken weer in

. Loop dan voldaan en afgemat naar Leen kijk haar in de ogen, en zo goed en zo kwaad als ze is, staat zij op en geeft mij een hapje eten. Voor alle moeite die ik gedaan heb om alles overhoop te gooien en lekker lawaai te maken. Kijk, dat is nou mijn reis. En het mooie ervan is, ik hoef mijn koffers niet eens in of uit te pakken....

Lik en poot van Charley.

DE TIJD

Het is de tijd die altijd tikt,

Mijn wijzers zijn mijn armen

Die seconden steelt van het leven

Het geluid wat je hoort,

Is het tikken van mijn hart,

Dat van binnen steeds maar weer

De tijd van het leven

Steelt.

Elke seconde telt, de hartslag

Van het leven

Lieve Heer,

Waar blijft de

Tijd.


leny

 

 

DE MAN MET HET KISTJE

Het viel niemand op, hoe een slanke broze man zijn houten kist midden in de drukke winkelstraat zette en er voorzichtig op ging staan. De mensen om hem heen liepen ongeintereseerd door. Niemand gunde hem een blik waardig. ‘'Hoort mij aan ongelovigen, luister naar mij''.
De mensen liepen door, een enkeling trok de wenkbrauwen op en keek wat meewarrig naar de lange magere man die met zijn armen zwaaide en om aandacht riep. ‘'Luister naar mij, geef mij een enkele minuut van uw korte tijd, die u hier op deze aardbol nog ronddoolt''.

Een paar jongeren gingen giechelend om de man heen staan, en het commentaar liet niet lang op zich wachten. ‘'O, dus de aarde vergaat weer een keertje''.?, vroeg een jongen. ‘'Nee, niet in jouw tijd mijn zoon, nog een tijdje mag jij hier vertoeven, maar jij kunt wel helpen om de aarde wat meer leefbaarder voor jou en jouw kleinkinderen te maken''. ‘'Ha, wie zegt dat ik trouw'', daagde de jongeman hem uit. ‘'Ik zeg je dat jij trouwt, maar jij zult niet gelukkig zijn, luister mij aan''. Het hoongelach werd luider, en nu bleven er meer mensen staan bij de man op zijn kistje. Meer uit nieuwsgierigheid dan interesse.

De man haalde een lok haar uit zijn gezicht, en gelijk viel het de omstanders op wat een rustig en kalm gelaat deze man had. Zijn heldere ogen straalden op je af, zijn stem begon te boeien. En of je nu wilde of niet, je bleef staan. De jongeren werden ineens stiller, de man op de kist keek met een glimlach op zijn gelaat naar de omstanders. ‘'Zijn jullie hier nou echt zo gelukkig, zijn jullie nou echt zo blij, om hier te winkelen, een bakje koffie te drinken, jezelf in de schuld te steken voor weer een nieuwe televisie, voor weer een mooiere mobiele telefoon''? Hij keek rond, en niemand gaf de man antwoord. Geboeid bleef men hem gadeslaan. ‘'Zeg mij nou eens eerlijk, wie geeft mij het antwoord op deze vragen, wie is er hier intens gelukkig met al die luxe''. ‘'Het is anders lekker makkelijk'', vezekerde een man uit het publiek hem.


‘'Juist meneer, u heeft gelijk, het is makkelijk, alles is tegenwoordig makkelijk. Wat is het moeilijkste wat u ooit gedaan heeft''. De man liep een beetje rood aan van al die aandacht die hem ineens ten deel viel, doch de man op de kist hielp hem er doorheen.

‘'Het moeilijkste wat u ooit ten deel is gevallen, dat is de beslissing geweest om uw vrouw op te laten nemen, voor haar eigen bestwil". ‘'Verdomme, rot toch op kerel'', gromde de man, en boos liep hij weg uit de menigte. ‘'Hoe weet u dat nou'', vroeg een oudere dame aan de man op de kist. ‘'Voor mij heeft de mens en het hele universum geen geheimen mevrouw, ik ben een ziener, een gelovige die het goed meent met de mensheid''. ‘'A ja, dus een Jehovagetuige of zoiets'', vroeg de vrouw. ‘'Nee mevrouw, ik ben wie ik ben, naamloos, maar in ieders hart wanneer een ieder mij nodig heeft''. ‘'Ach ga toch fietsen man, weer zo'n Christusfiguur, en ik ben napoleon'', sprak een man uit de menigte.
‘'Mijnheer, ik daag u uit, kom naar voren, ik verzoek u''. De man liep naar voren, en bleef met een uitdagende blik voor de man op zijn kistje staan. ‘'Heeft u mij horen zeggen dat ik Christus ben''/

‘'Nee, dat niet'', En of de man wilde of niet, hij kon de man op zijn kistje niet recht aan kijken, verlegen sloeg hij de ogen neer. ‘'Wees niet verlegen, blijf uzelf, wees gelukkig met wat u heeft, en niet wat u nog krijgt, dat is de wens voor een toekomst die voor u toch wel uitkomt''. En met deze profetische woorden ging de man verder met zijn betoog. De verlegen man voelde zich steeds kleiner worden, en liep snel weer naar achter. Hij keek om zich heen en zag de menigte steeds groter rondom de man op het kistje worden. ‘'Ik vraag u mensen, ga toch een stukje terug naar de natuur. Besef waar u mee bezig bent. U vervuild de aarde, het is niet voor niets dat het Moeder aarde heet. U verwaarloost uw eigen moeder toch ook niet'?


De mensen keken elkaar een beetje bevreemd aan. De vergelijking drong niet echt tot hen door, maar de man ging verder met zijn betoog. ‘'Laten we nu allemaal een beetje nadenken over wat wij op deze aarde allemaal vernietigen. Aan bomen, aan dieren, de zee, aan alles wat door God onze vader geschapen is.Beseffen jullie wel dat deze aarde maar geleend goed is, en alles wat geleend is daar moet je wel zuinig op zijn. Kijk eens naar alles wat men de ruimte inschiet. Het heelal is overbevolkt, de satelieten knallen tegen elkaar, zo druk is het daarboven. En alles in de naam van de vooruitgang. Maar het is eigenlijk elke keer een stap naar achteren.''
Sommige omstanders begonnen tegen elkaar te praten, en een enkeling liep weg. Maar het merendeel van de mensen waren als gebiologeerd aan het luisteren naar de man op het kistje.

‘'Hé ouwe'', riep een opgeschoten jongeman, ‘'moet je niet in een parkje prediken, dit is toch geen plaats om hel en verdoemenis te verkondigen''.
‘'Mijn beste man, elke plaats is voor mij een goede plaats, ik kan overal mijn boodschap prediken'', sprak de man rustig. Zijn stem klonk kalm, zijn toon dwong respect af. Niemand durfde maar iets te zeggen. Het leek of de man de menigte gehypnotiseerd had. Niemand sprak nog een woord.
‘'Ik wil hier gewoon een boodschap uitdragen, in de hoop dat jullie straks thuis nadenken over wat ik hier verteld hem. Denk erover na, en luister naar je hart, handel in je geest.''

Niemand sprak nog. De man zweefde als het ware van zijn kistje af, en pakte het op met een hand, en met de andere zwaaide hij naar de menigte om hem heen. ‘'Zo, jullie hebben in elk geval een minuutje voor mij vrijgemaakt, jullie hebben geluistert, doe er iets mee, denk er over na. Ga met God'', en met die woorden liep hij door de menigte. De mensen stapten uiteen om de man door te laten, ze keken hem na. Niemand sprak. En voordat de laatste paar mensen opzij gingen, draaide hij zich nog eens om en een grote glimlach verscheen op zijn gelaat. ‘'Het ga jullie goed''.

En voordat iemand er iets van merkte was ineens de man verdwenen. Het enige wat achterbleef was het houten kistje, dat stond verloren op de stoep.

Leny .

LIEVE VRIEND...OF VRIENDIN

Op de wolken liep jij mee,

Verder dan de zon achterna,

Wij werden vrienden

Voor het leven en erna,

Balancerend op de wolken

Zochten wij de warme zon

Kon geen maan ons beschijnen,

Omdat de wolk ons verborg

Alleen durf ik de reis niet aan

Wil jij als nieuwe vriend

Op die mooie wolk

Met mij meegaan???


Leny

SOULMATES

Mijn vrouw en ik zijn altijd met elkaar bezig, in welke vorm dan ook. Maar wij houden veel van elkaar, dus het is geen straf. Maar als je in mijn dromen zit……………….. Zal het even uitleggen. Mijn vrouw praat in haar slaap, daarmee maakt zij mij regelmatig wakker, en dan hebben we samen een gezellige conversatie. Alleen zij slaapt, en ik lig te schudden van de lach. Want natuurlijk kan ik het niet laten om rare vragen te stellen, waarop zij dan doodleuk antwoord geeft.  Maar het omgekeerde was laatst het geval. Ik droomde dat wij beiden op een terrasje zaten, lekker met een bakje koffie. Ineens pakte mijn vrouw de koffie uit mijn hand, en begon er lekker aan te slurpen. De volgende conversatie is geheel op waarheid berust.

 

‘’Hé, dat is mijn koffie’’ Zij bleef verheerlijkt lurken aan mijn bakkie leut. ‘’Lekker die koffie’’, een glimlach om haar mooie lippen, en vals naar mij kijkend. ‘’Jij lust geen zwarte koffie, jij hebt met melk, geef nou hier’’! Claudy zette een beetje pesterig het lege kopje neer, en begon vrolijk aan haar eigen koffie. Ik weet nog dat ik raar naar haar keek, en mij afvroeg wat haar bezielde. ‘’Ben jij nou helemaal van de pot gerukt, sinds wanneer drink jij zwarte koffie’’! Ik herhaalde mijn vraag nog steeds verontwaardigd. Een valse glimlach werd mijn deel. Totdat ik vaag in de verte hoorde ‘’Geef die koffie nou, jij lust niet met melk”. Dat was de stem van mijn vrouw. Ik werd een klein beetje uit mijn droom gerukt, en voelde het warme lichaam van Claudy, die naast mij lag te woelen, en groots met haar lange armen zwaaiend. Zij lag op haar rug. ‘’Dat is mijn droom’’, fluisterde ik verbijstert. Ik deed het nachtlampje aan, en zag dat Claudy ook bezig was om wakker te worden. Ik begon gelijk tegen haar, nog vaag in dromenland. ‘’Waarom drink jij mijn bakkie koffie nou op’’, ik was oprecht verontwaardigd. ‘’Nee, jij drinkt de mijne op, waarom is dat’? Zij was nu ook wakker, en keek verbaasd naar het domme gezicht van mij, ik keek een beetje boos. ‘’Jij zat in mijn droom’’. ‘’Ben je wel lekker, ik droomde alleen dat ik met jou op een terras zat, lekker aan de koffie, ga jij ineens mijn koffie drinken, met melk nog wel, en dat lust jij niet’’. ‘’Nou, wordt ie lekker, jij dronk mijn zwarte koffie op’’.

 

Wij waren nu beiden goed wakker, en keken verbaasd naar elkaar, alsof wij elkander nog nooit eerder gezien hadden. Dat is een heerlijke discussie, zo midden in de nacht, maar oke, dat even terzijde. ‘’Wat is dat nou, ik droomde dat ik op en terras zat, en dat jij zomaar mijn koffie pakte, en die lekker gluiperig op zat te drinken”.  ‘’Nee, Claudy, dat deed jij bij mij’’. Ineens moesten wij onbedaarlijk lachen, het bleek dat wij beiden op hetzelfde moment, dezelfde droom gecreeêrd hadden. Zoiets raars hadden wij nog nooit meegemaakt.  Ik stelde voor dat we maar weer gingen slapen, en elkaars koffie dan maar lieten voor wat het was. Die nacht verliep daarna erg rustig. De ochtend daarop begonnen wij erover, terwijl ik begon te vertellen van mijn droom, vulde zij die aan met zinnen uit haar droom. Het was te bizar voor woorden. En komisch tegelijk.  Ik wil maar zeggen, als wij geen Soulmates zijn, wie kan mij dan uitleggen wat er die nacht in onze dromen was gepasseerd?? In geen enkel boek dat ik over dit onderwerp heb staat zoiets als wat wij hebben meegemaakt. Eerst dacht ik dat ik reageerde op haar gelul in haar slaap, maar daar word ik altijd direct wakker van. Dus dat sloot ik uit. En alles klopte gewoon, onze dromen waren een geworden in de nacht. Een regel voor een gedicht. Maar de waarheid was nou eenmaal zo. Het is daarna niet meer gebeurt, maar we houden zoveel van elkaar dat het zomaar weer kan gebeuren.  Als het dan maar niet over een knokpartij gaat. Want dan krijg ik klappen. Claudy is groter, en sterker. Maar ze is een vredelievend mens, dus eigenlijk hoef ik niet bang te zijn. Onze nachten zijn nog steeds lacherig, rumoerig en slapen doen we ook nog. Wij zijn tenslotte Soulmates.

 

Leny

 

EEN NACHTMERRIE!!!!!!!!!!!!!!!

De sergeant die voor mij stond vroeg of ik nog een laatste wens had. Ja die had ik wel.
''Mag ik misschien een sigaretje??"'
''Nee, dat mag je niet, daarvoor sta je hier tenslotte voor het vuurpeleton""!!
Ik keek eens goed naar de figuur voor mij, en het bleek een rokende pijp te zijn. Het vuurpeleton voor mij bestond uit twaalf filtersigaretten, rokend en wel hun venijn van vuur en rook naar mij toeblazend. Alsof ik nog niet genoeg aan het lijden was.
''Oke, schiet mij dan maar het leven uit, maak maar een eind aan deze lijdensweg"", sprak ik dramatisch. De pijp keek eens met zijn rokende kop op mij neer en schudde meewarrig het hoofd. 
''Je hebt dit allemaal aan jezelf te danken.je wilde stoppen met roken, dus nu stop je ook definitief. Alleen helpen wij jou hier een beetje bij".
Hij liep op zijn donkere steel naar de filtersigaretten die in een lijn recht tegenover mij stonden, te wachten op het sein dat ze eindelijk mij uit mijn lijden mochten verlossen. Alleen het commando ''vuur'' was het toverwoord, en dan zou het gedaan zijn met mij.
De rokende pijp keek opzij naar mij, en toen naar het vuurpeloton. Hij opende zijn mond en riep vol hartstocht
''vuur''. Ik kneep de ogen dicht en wachtte op wat er komen ging. Al wat er kwam was de wekkerradio die omriep dat Skyradio in de ether was.
Mijn Lieve God, wat een nachtmerrie was dit. Maar ineens besef ik mij op deze ochtend dat het nu precies één maand geleden is dat ik mijn laatste sigaret heb gerookt. Een waarschuwing in de vorm van deze nachtmerrie is dus eigenlijk op de plaats. Ik rook nog steeds niet. En ik wil niet meer voor een vuurpeleton. Zeker niet in de vorm van sigaretten. Want dat het je dood wordt, dat is reeds al bekend. Zo Leen, applaus voor jezelf, de eerste maand zit erop. Nou de rest van je leven nog!!

 

 

Leny

 

GROETJES VAN EEN BLOGMANIAK

Een beetje blogmaniak heeft altijd wel iets te vertellen, of te verzinnen. Maar alles wat uit je hersenen komt, vertaalt zich naar het toetsenbord van je pc. Schrijf het op, laat een ander meegenieten van wat jij leuk vind, of waar jij kritiek op hebt.

Laat de discussie open voor een ieder die dit leuk vind, of niet natuurlijk. Maar laat een ieder in zijn/haar waarde.

Ik ben een nieuweling op deze blog, en wacht met spanning af wat voor soort reacties ik krijg.

Temeer daar ik op diverse blogs mijn stempel al heb achtergelaten, en onze eigen website al dikwijls bezocht is.

Ik lees ook graag andermans bloggie. Vind ik leuk, wil ik gewoon weten wat voor soort mens er achter zo'n blog schuilt. Kwestie van goed lezen, en interesse blijven tonen.

Okee, ik zou zeggen veel leesplezier met deze blog.

Groetjes van Leny 

VOOR CHARLEY IS HET ALTIJD DIERENDAG!!

Was dat maar waar. Nee dus. Hoewel...ik ben een dag na dierendag lekker jarig. Wordt ik al 12 jaar. Ouwe bok hé. Maar ik heb wel al een grijze snor, en een grijze toet, volgens Leen dan. Maar laat die maar naar zichzelf kijken, die heeft voorlopig elke maand een doos verf nodig om de schijn op te houden dat ze al zo grijs als een postduif is. Ha ha.. kijk, als kat heb je zoiets niet nodig, je wordt heel natuurlijk grijs, en een beetje stram, maar dat kan natuurlijk ook van de kou komen. Ja toch?!? En mama Claudy heeft mij beloofd dat ik een biefstukje voor mijn verjaardag krijg, nou dat krijgt Leen nog niet eens voor haar jaardag.  Leen beloofde dat ze alle katten uit de buurt uit zou nodigen, en ze mochten allemaal in de tuin. Ze zag het al helemaal voor zich. Allemaal een mutsje op, een toeter in de mond, en ballonnetjes overal. Ja dag Leen, voorlopig is het mijn tuin, en geen vreemde kat komt erin. Trouwens, er is hier ook een taalbarière. Ik spreek geen Zwols, en die katten hier in de buurt spreken natuurlijk geen Haags of Amsterdams. Je ziet ik ben van alle markten thuis, behalve de Zwolse taal. Die ben ik nog niet machtig. Ik doe ook eerlijk gezegd geen moeite om het te leren. Ik krijg al bonje met een kat op mijn dakje, laat staan dat ik van die witte kater Zwols moet gaan leren. De groetjes aan je tante, maar niks voor mij. Ik wil mijn verjaardag in alle rust kunnen vieren, met een lekker kipfileetje, of een lekker biefstukje, klein gesneden natuurlijk. Geen borstelbeurt omdat ik jarig ben. Ik mag altijd alles van mijn mama’s op mijn verjaardag. En dan heb ik eigenlijk de indruk dat ze dierendag al vergeten zijn. Dan krijg ik ook altijd lekkere hapjes. Allerlei vreemde gerechten uit mooie bakjes, ja de groetjes, daar kijk ik dus niet naar, ik let op de inhoud. En die is niet altijd te pruimen. Maar de moeders doen hun best, eerlijk is eerlijk. En nou we dan toch eerlijk zijn, eigenlijk is het voor mij elke dag dierendag, en elke dag is een verjaardag. Ik ben een kat die een goed tehuis heeft, een kat die nooit klaagt. Een schone bak, elke dag mijn eten op tijd, een borstelbeurt. Ik hoor wel eens van Leen dat er veel katten zijn die het hardstikke slecht hebben. Dan denk ik altijd dat die mensen slecht zijn die niet voor dieren kunnen zorgen. Begin er dan niet aan. Kan ik makkelijk zeggen natuurlijk, maar het is wel waar. Mijn gedachten zijn dan ook bij al die katten die in het donker in de kou lopen, op zoek naar een schuilplaats voor de koude nacht, mijn gedachten zijn  bij die dieren die als een verwaarloosde op deze wereld ronddolen. Wat zijn de mensen dan slecht. Ik weet van Tante Ina, een soort oppasmoeder voor mij, dat zij ook een stuk of vijf zwerfkatten in de tuin onderhoud. Dat lieve mens moet het ook van haar pensioentje doen. Denken mensen wel eens aan anderen??Vaak snap ik die grote mensenwereld niet, maar gelukkig ben ik niet de enige. Er was laatst een lieve poes hier op mijn dak, en zij zwierf ook rond, zij vertelde mij dat haar baasjes lekker op vakantie waren, en dat zij gewoon de tuin in werd gejonast. Tot over veertien dagen was de afscheidsgroet. Lekker dan. Wat zijn dat toch voor rare mensen die egoïsten!!!Oke dat moest ik even kwijt. Bij deze dan!!! Maar met snelle pas kijk ik de dagen weg, en droom van dierendag en natuurlijk van mijn verjaardag. Ik ben van plan om heel oud te worden. En zeg nou zelf, zo’n leven als ik heb, met twee van die lieve doosjes, daar wordt je toch graag honderd bij!!Ben alleen bang dat Clau en Leen dat niet halen..........................

Love en huggies van Charley.

DE OUDE KLOK

De oude klok tikte zacht”ga naar bed, ga naar bed”

maar Jantje wilde nog niet gaan.

De oude klok keek boos op Jan

maar hij trok zich er niets van aan.

“Ik wil nog niet naar bed, ik wil nog niet gaan,

maar mama en de oude klok hielden aan.

Mama werd nu ok een beetje boos,

En riep naar Jantje klein,

“nu ga je naar bed, naar boven!!”,

Jantje brulde hard naar de klok,

“Waarom moet jij altijd zoveel tijd roven”???.

 

 

THAT'S LIFE......

Als Gods steeds maar weer de schuld krijgt van
Alle ellende op deze wereld,
Wat lopen er dan veel heiligen rond
Op deze aardbol.

 
Het gras is altijd groener bij de buren,
Maar als je zelf geen grasveldje hebt,
Besef dan dat diezelfde buren
Ook niet hebben
Wat jij in je tuintje hebt.

 
Als vandaag de zon niet schijnt voor jou,
Besef dan dat een ander
Ook geen zon ziet.
Dan is het ineens niet zo donker meer.

 
Is je pijn niet te verdragen, je verdriet om in te verdrinken,
Geef een ander dan de kans om jou
Op de kant te trekken,
Laat jouw zorgen ook een
Een anders zorg zijn.
Je bent niet alleen.
Al de weg naar boven veel te lang is
Om alleen te lopen,
Pak een ander bij de hand,
Een kruip samen die weg op,
Beklim samen die berg,
Alles is te overwinnen,
Maar het gaat eenvoudiger
Als je het samen doet.

 
Geef een ander nooit de schuld van jouw falen,
Kijk jezelf eens goed in de ogen,
Dan zie je om je heen
Dat ook een ander fouten kan maken,
En sta je nooit alleen.

 
Waneer een blinde nooit kan zien,
Wat een dove nooit zal horen,
Kijk dan eens om je heen,
En wees gelukkig met alles wat je ziet
Met alles wat je hoort,
En blijf nooit
Met stomheid geslagen.

 
Al ben je gestorven,
Zolang ik over je praat,
Zolang ik over je droom,
Zolang ik nog steeds jouw lach hoor
Ben je niet gestorven
Jij leeft nog steeds voort.

LEVEN......

 

Leven, een woord voor altijd in je hart,
Bij geboorte ingegeven,
Het is het leven voor een nieuwe start.
Maar het zal niet veel uitmaken,
Hoe oud een iemand ook is,
Want de dood zal altijd iemand raken,
En slaat zelden met de plank,
Het leven mis.
Grijp toch alles uit het bestaan,
Je krijgt het niet voor altijd,
Je leven zal niet verdergaan,
Als de dood je bevrijd.
Van een leven vol van liefde,
Van een leven vol van verdriet,
Geniet van elke seconde,
Die je is gegeven,
Want voordat je het weet,
Zie je de dood
In het verschiet.

 

 

HEB IK WEER!!!

 

Jaren geleden toen ik nog op kantoor werkte, liep er nog een koffiejuf langs alle afdelingen. Het persoonlijk contact is nu overal in de vorm van automaten. Maar goed, wij hadden toen juffouw Annie. Een corpulente dame, altijd goed voor een mop en een lach, sjouwend achter haar koffiekar gevuld met thee en koffie, en de eeuwige gevulde koeken. Ik koos meestal voor de kantine. Maar Annie was niet meer. Wij kregen allemaal op kantoor het bericht dat Annie in haar slaap overleden was. Hoe mooi kun je dood gaan. Dan de afspraak met collega’s over de delegatie die naar de begravenis gaat. Ik als cheffin viel dat ten deel en sprak met andere collega’s af dat wij gezamelijk bij het kerkhof zouden wachten. En dan samen de aula in. Was je niet zo alleen. Die bewuste dag van de begrafenis reed ik mijn auto het kerkhof op, parkeerde netjes in een vak. En zag de stoet al aankomen.  Maar nog geen enkele collega. Zag ook helemaal geen bekenden. Niet dat ik sociaal met Annie contact had, maar je zou verwachten dat je wel een bekende zou spotten. Nee dus. Ik keek besluiteloos om mij heen, en schuifelde toen maar achter de stoet aan de aula in. Veel oude mensen. Weinig jongeren zo’n beetje van mijn leeftijd. Annie had toch drie kinderen, allemaal getrouwd en ze was toch al oma? Maar goed, dat zijn dan van die losse gedachten. Dus eenmaal in de aula, vriendelijk knikkend naar de oudjes om mij heen, hoorde ik de muziek. Het Avé Maria schalde door de speakers. Wat raar, ik dacht dat Annie een hekel aan dat nummer had. Ze had mij ooit vertelt dat het Avé Maria bij de begrafenis van haar zus gespeeld werd, dus daarna had ze een bloedhekel aan dat lied. Ik begreep ook niet echt waarom al die oudjes steeds naar mij keken, ik bleef maar vriendelijk knikken en glimlachen.  Toen iedereen plaats had genomen tijdens de muziek nam ik ook maar plaats achterin. Eerlijk gezegd begreep ik hier dus helemaal niks van. Er kwam zo’n zwarte raaf achter mij staan en wilde juist de deur dicht doen achter mij. Ik draaide mij naar hem om, en plots zag ik het naambordje staan. Meneer Verdonk. Wie was in hemelsnaam Meneer Verdonk. Dat was dus degene die daar in de kist lag. Dat was dus degene die geen Annie heette. Want Annie heette Jaspers van haar achternaam. Het schaamrood voelde ik omhoogkomen vanuit mijn nek. Ik zocht een luik onder mijn voeten, wilde mij verstoppen. Het zweet brak mij uit, keek hulpeloos en hopeloos om mij heen. Ik zat dus gewoon bij de verkeerde familie, bij de verkeerde begrafenis, bij de verkeerde muziek. Snel stond ik op om gauw de deur achter mij weer open te gooien. En hoorde vaag in de verte Andre Hazes zingen dat ik niet weg moest gaan. Sorry Dré, ik moest wel. Ik zat helemaal verkeerd. Op de gang aangekomen veegde ik het zweet van mijn rode gezicht en keek radeloos en beschamend om mij heen. Had ik weer. Buiten aangekomen zag ik gelukkig een paar van mijn collega’s staan. Zij keken mij verbaasd aan. ‘’Waar kom jij nou vandaag”?, vroeg Truus van de typekamer. Ik vertelde hen het hele verhaal. Er werd zo hard gelachen dat een man van de begraafplaats zijn kantoortje uitliep om te kijken wie er zo vrolijk naar zijn laatste rustplaats werd gedragen. Ik schaamde mij kapot. Ja wees nou eerlijk. Welke malloot loopt nou achter de verkeerde stoet aan en gaat gezellig mee de aula in om de laatste eer te bewijzen aan een persoon die je dus never nooit gekend hebt???Ik dus..Maar ja, ik ben eigenlijk een ezel die zichzelf heel vaak aan dezelfde steen stoot. Achteraf was het een leuke annekdote, maar op zo’n moment dat je zoiets meemaakt kan ik alleen maar zeggen...Heb ik weer!!!!

 

Leny

DE TAS

 

De jonge vrouw keek met verbaasde blikken naar de veiligheidsbeambte die gelijk haar tas uit de handen trok. ’’Hé leipo, ben je wel lekker, blijf met je tengels van me tas af”.           Ze probeerde haar boodschappentas terug uit de handen van de man te trekken, maar deze hield zijn gewicht naar achter en trok nijdig de tas naar zich toe. ’’Dit is een geprepareerde tas vol met gestolen goederen, u gaat even mee naar achter”. ’’Wat naar achter, helemaal niks naar achteren, en ik heb geen geprefapereerde tas. Laat los”.  Ze deed weer een duik naar de volle boodschappentas, die nu als een trofee in de handen van de beveiligingsbeambte was. En hij was zeker niet van plan om los te laten. De jonge vrouw kreeg een rood hoofd van woede, en dook met vereende kracht naar de man, die haar van zich af probeerde te duwen. Het winkelend publiek keek hier geamuseerd naar, en niemand had de intentie om in te grijpen. Het was veel te leuk om te kijken wie het gevecht om de tas zou winnen. ’’Je mag me niet eens arresteren vent, geef nou hier die tas, je wordt vervelend.” Als u even mee naar het kantoortje gaat is het zo opgelost’’.  Tactiek was de boodschap, en rustig blijven. ’’Je kan me wat, ik gaat helegaar niet met je mee naar achter, wat denk je wel, geef die tas nou, anders zal ik je direct een penalty verkopen!! ’’ Haar taalgebruik werd grimmiger, en de man keek een beetje onbeholpen om zich heen. Geen collega in de buurt, geen personeel van de winkel die zich er mee bemoeide, iedereen zat eigenlijk te wachten wat er komen ging.
’’U gaat nu mee, want u krijgt toch niet eerder uw tas terug”,’’ stik met je tas, geef me boodschappen terug, anders roep ik de politie”.
’’Ja, moet u vooral doen, dat scheelt mij werk, loop nou even mee”.  De vrouw dook weer naar haar zware boodschappentas, en als een matador draaide de man zich half om, zodat de vrouw haar gewicht verloor en als een volleerde ballerina een spagaat toonde. Terug omhoog kruipend op haar knieen hield zij haar armen om de benen van de man. De man probeerde met tas en al zich een weg te banen door de winkelende mensen, de vrouw aan zijn benen meeslepend, de tas vastgeklemd voor zijn borst. De vrouw hield stug vol, en liet zich lekker meeslepen, ondertussen allerlei verwensingen en vloeken naar de man toewensend.  Het winkelend personeel ging lachend opzij voor de twee, die als een stel acrobaten door de winkel sleepten, richting kantoortje. Daar aangekomen gooide de man de deur open en sleepte zich voort, met de jongedame onder aan zijn kielzog. ’’Verrot toch kerel, geef me tas terug, anders trek ik je benen uit je lijf!!” De man keek boos naar beneden, en trok toen in een beweging de dame omhoog. ’’En nou is het afgelopen, je gaat mee naar binnen, maakt je tas leeg, en dan zullen we eens zien wat je allemaal gestolen hebt!” De jonge vrouw gaf de man een trap tegen zijn scheenbeen en liep met vaste tred het kantoortje binnen. De man gaf een schreeuw van pijn en hinkte achter haar aan, vergetend de deur te sluiten.  De vrouw ging met een beledigde blik zitten op een stoel en keek boos afwachtend naar de man die de grote tas omkieperende op het bureau.  Een groot pak pampers, een busje babypoeder, vochtige zakdoekjes in een plastic doosje verpakt. Kortom, alleen babyartikelen. Zijn blik van verbazing van een Oscar waardig. ’’Wat is dat nou”? ’’Nou, dat zijn dus babyartikelen, en die tas is dus gewoon een koelbox van de camping, kloothommel”!! Een grote glimlach op het gezicht van de jonge vrouw. De man wist even geen raad met zijn houding en wilde zijn verontschuldigingen aanbieden. Hij had onterecht gedacht dat de vrouw had gestolen uit de winkel. De jonge vrouw stond op, vulde haar tas weer met haar spullen en keek braaf naar de man. ’’Mag ik nou gaan baas??” Éhh..het spijt me, u kunt gaan, ik wil mij….”Verder kwam hij niet, de vrouw beende met grote stappen het kantoor uit, een harde knal van de deur achter zich latend. Bij de uitgang aangekomen keek zij nog even om zich heen, graaide snel een paar shirts uit het kledingrek en maakte dat ze de deur uit kwam. Al wat achterbleef was het snerende geluid van het alarm dat afging.

Leny